Berlinde De Bruyckere

Berlinde De Bruyckere

Berlinde De Bruyckere (°1964, Gent) woont en werkt in Gent. De Bruyckere’s beelden, installaties en tekeningen vertellen de grote verhalen; lijden, hoop, kwetsbaarheid, verlangen. De vormentaal en de gebruikte materialen worden gekozen om hun metaforische karakter. Al meer dan twintig jaar werkt zij aan een heel eigen vocabularium, waarbinnen zich geleidelijk aan een geraffineerde, melancholische benadering van mens en maatschappij heeft ontplooid. In 2013 vertegenwoordigde zij België op de Biënnale van Venetië met het project ‘Kreupelhout-Cripplewood’, dat zij realiseerde in samenwerking met de Nobelprijswinnaar J.M.Coetzee. In 2015 ontving ze een eredoctoraat aan de Universiteit Gent en in 2021 werd ze benoemd tot Commandeur in de Kroonorde.

De Bruyckere’s sculpturen en tekeningen waren het onderwerp van talrijke tentoonstellingen in grote instellingen wereldwijd, onder andere: ‘Khoros’, Bozar, Brussel, België (2025), ‘City of Refuge III’, nevenevenement van de 60e Biennale di Venezia, Venetië, Italië (2024), ‘No Life Lost’, Artipelag, Stockholm, Zweden (2024),  ‘Crossing a Bridge on Fire’, MAC CCB, Lissabon, Portugal (2023), ‘City of Refuge II’, Diozesanmuseum, Freising, Duitsland (2023), ‘City of Refuge I’, Commanderie de Peyrassol, Flassans-sur-Issole, Frankrijk (2023) ‘PEL – Becoming the Figure’, Arp Museum, Remagen, Duitsland (2022), ‘Plunder/Ekphrasis, MO.CO, Montpellier, Frankrijk (2022), ‘Engelenkeel’, Bonnefanten, Maastricht, Nederland (2021), ‘Aletheia’, Fondazione Sandretto Re rebaudengo, Turijn, Italië (2019-2020), ‘Il Mantello’ (5x5x5 event voor Manifesta 12), Santa Venera kerk, Palermo, Sicilië (2018), ‘Berlinde De Bruyckere’, Sara Hilden Art Museum, Tampere, Finland (2018), ‘Embalmed’, Kunsthal Aarhus, Denemarken (2017), ‘Berlinde de Bruyckere. Suture’, Leopold Museum, Wenen, Oostenrijk (2016); ‘Berlinde De Bruyckere. No Life Lost’, Hauser & Wirth New York (2016); ‘Berlinde De Bruyckere. Penthesilea’, Mus.e d’Art Moderne et Contemporain, Straatsburg, Frankrijk (2015); ‘Berlinde De Bruyckere. The Embalmer’, Kunsthaus Bregenz, Bregenz, Oostenrijk (2015); ‘Berlinde De Bruyckere. The Embalmer’, Kunstraum Dornbirn, Dornbirn, Oostenrijk (2015); ‘Berlinde De Bruyckere’, Gemeentemuseum Den Haag, Den Haag, Nederland (2015); ‘Berlinde De Bruyckere. In the Flesh’, Kunsthaus Graz, Graz, Oostenrijk (2013); ‘Philippe Vandenberg & Berlinde De Bruyckere. Innocence is precisely: never to avoid the worst’, De Pont Museum of Contemporary Art, Tilburg, Nederland (2012) die reisde naar La Maison Rouge – Fondation Antoine de Galbert, Parijs, Frankrijk (2014); ‘We are all Flesh’, Australian Centre for Contemporary Art, Melbourne, Australië (2012); ‘The Wound’, Arter, Istanbul, Turkije (2012); ‘Mysterium Leib. Berlinde De Bruyckere im Dialog mit Cranach und Pasolini’, geopend in Kunstmuseum Moritzburg, Halle, Germany en reisde naar Kunstmuseum Bern, Zwitserland (2011); DHC / ART Foundation for Contemporary Art, Montreal, Canada (2011); en ‘E.n’, De Pont Foundation for Contemporary Art, Tilburg, Nederland (2005). 

Recent heeft De Bruyckere haar werkterrein uitgebreid naar de podiumkunsten als scenograaf, in nauwe samenwerking met fotografe Mirjam Devriendt. Haar werk was te zien in: “City of Refuge IV’, Ruhr Triennale 2024, Bochum, Duitsland (2024) “Mariavespers”, Holland Festival, Amsterdam, Nederland (2017); ‘Nicht Schlafen’ Les Ballets C  de la B, Ruhrtriënnale, Bochum, Duitsland (2016) and “Penthesilea” La Monnaie, Brussel, België (2015).

Infinitum, 2017-2019

IJzer, hout, glas, was, textiel, touw, epoxy
H 162 x 201 x 101 cm

Op een zware, roestige tafel – samengesteld uit industriële ijzeren onderdelen – staan stoffige glazen stolpen dicht bij elkaar, waardoor er nauwelijks ruimte overblijft om ze afzonderlijk te bekijken. Onder elke stolp bevindt zich een wassen afgietsel van een boomstam of een stuk dood hout. Als geamputeerde ledematen, zijn de boomstammen omzwachteld, gewikkeld in gescheurde lappen en verweerde dekens, een teder gebaar .

Deze stolpen roepen beelden op van relikwiehouders, preparaten op sterk water, of gebonden fallussen. Ze lijken bevroren in de tijd en herinneren aan het menselijk streven naar onsterfelijkheid – een verlangen dat botst met de onvermijdelijkheid van verval en vergankelijkheid. Infinitum (2017–2019) roept zo een krachtig spanningsveld op tussen ijzer en huid, tussen leven en dood, tussen eindigheid en de illusie van eeuwigheid.